Ziekteverzuim zorg en welzijn hoogst sinds 2003

Het ziekteverzuim onder werknemers in zorg en welzijn was in het tweede kwartaal van dit jaar 6,1 procent. Dat is het hoogste verzuimcijfer van alle tweede kwartalen na 2003. Zo hoog is het verzuimpercentage bovendien in geen enkele andere bedrijfstak.

Dat blijkt uit de vandaag verschenen publicatie van het CBS, Arbeidsmarktprofiel van zorg en welzijn, waarin de arbeidsmarktsituatie van de bedrijfstak wordt beschreven, alsmede de ontwikkelingen op korte en langere termijn. Daaruit komt onder meer naar voren dat vooral in ziekenhuizen, jeugdzorg en kinderopvang relatief veel werknemers een hoge werkdruk ervaren. Tegelijkertijd zijn in zorg en welzijn meer werknemers tevreden met hun werk dan in de meeste andere bedrijfstakken.

De invloed van de coronapandemie, waarmee de bedrijfstak in de loop van het eerste kwartaal werd geconfronteerd, kon op basis van de beschikbare cijfers niet worden onderzocht.

In het tweede kwartaal van 2020 was het ziekteverzuim in de hele bedrijfstak 6,1 procent. Dat wil zeggen dat 61 van elke duizend te werken dagen verloren gingen aan ziekteverzuim door werknemers. Daarmee kende zorg en welzijn het hoogste ziekteverzuim van alle bedrijfstakken. Al sinds het tweede kwartaal van 2017 is dat het geval.

De toename van het ziekteverzuim ten opzichte van het tweede kwartaal van 2019 was bovengemiddeld vergeleken met andere bedrijfstakken. In zorg en welzijn steeg het ziekteverzuim van 5,7 procent naar 6,1 procent, in alle bedrijfstakken samen nam het verzuim toe van 4,3 procent naar 4,5 procent.

Bron: CBS; 29 september 2020